Bakken tegen depressie
|
Nathalie Le Blanc - standaard online
Dat je opkikkert van een hap citroencake of voldoening haalt uit het
bakken van een perfecte pistolet, lijkt logisch. Maar kan het je ook
door een donkere periode in je leven helpen?
Zwarte cupcakes en grijze fudge, een psycho swiss roll, trieste koekjes die om hulp roepen of een misfortune cookie:
vanaf 2 augustus zijn ze te koop in verschillende ‘Depressed Cake
Shops’. Het gaat om pop-upshops, zoals Suzzle in Londen, maar ook in
Cardiff, Glasgow en Oxford, en zelfs in Los Angeles en Chicago.
Initiatiefneemster Emma Thomas hoopt zo geld in te zamelen voor
liefdadigheidsinstellingen voor geestelijke gezondheid, én het
onderwerp bespreekbaar te maken.
‘De grijze, amper versierde cakes zijn een symbool voor het gebrek aan levensplezier dat met depressie samengaat’, legt ze uit op haar blog. ‘Een op de vier mensen krijgt in de loop van zijn leven te maken met psychische problemen, maar het blijft een taboeonderwerp in onze maatschappij. Veel van onze bakkende vrijwilligers hebben ervaring met psychische problemen en depressie. Ze hebben dus een verhaal te vertellen. Op lange termijn willen we therapeutische baksessies organiseren, en van depressie herstellende bakkers helpen als ze bijvoorbeeld een zaak willen opzetten.’
Dat Emma Thomas voor patisserie koos, heeft niet alleen te maken met haar eigen passie of de Britse bakcultuur, maar ook met de activiteit van bakken. ‘Als je je down voelt, kan kneden misschien een beetje helpen’, zei bak-koningin Mary Berry ooit. En de Britse schrijfster Marian Keyes schreef het boekSaved by cake, omdat bakken haar door een moeilijke periode hielp.
Niet nietsdoen
Bakken heeft iets meditatiefs, zegt hobby-bakker Bart Jacobs. ‘Na een moeilijke werkdag, of als ik over iets loop te tobben, ga ik brood bakken. Niet met een machine, maar met de hand. Alles klaarzetten en precies afwegen, het deeg kneden, kijken hoe het rijst, en uiteindelijk door de knapperige korst snijden: het heeft iets van een ritueel, het kalmeert de geest.’
Ann Mertens heeft datzelfde gevoel als ze naait. ‘Een jas of rok in elkaar zetten is als een grote 3D-puzzel maken. Je moet constant kleine probleempjes oplossen en die concentratie zorgt ervoor dat er in mijn hoofd geen plaats over is voor iets anders. Ik kan niet verdrinken in gepieker of negatieve gevoelens als ik naai, want ik ben bezig met naden, nepen en knopen. Bovendien heb ik op het einde van de dag iets tastbaar.’
Geen geneesmiddel
‘Er is geen wetenschappelijk bewijs dat verklaart waarom bakken iemand met depressie kan helpen’, geeft Emma Thomas inThe Guardian toe, ‘en het is zeker geen remedie. Maar het is therapeutisch, en veel mensen hebben er iets aan. Het is ook creatief en belonend. Bakken zet mensen aan tot praten, en met de Depressed Cake Shop hopen we een gesprek op gang te brengen.’
Dat er geen wetenschappelijke grond is voor het nut van bakken, daar is Amerikaans neurowetenschapper Kelly Lambert het niet helemaal mee eens. In haar boek Lifting depression stelt ze dat de mens niet geëvolueerd is om stil te zitten en niets te doen. Ze deed historisch onderzoek naar depressie, en kwam tot de conclusie dat onze overgrootouders ondanks hun hardere leven, toch minder stemmingsproblemen hadden. Ons brein gaat volgens haar niet goed om met het comfortabele, zittende leven dat we vandaag leiden.
Lambert doet al meer dan twintig jaar onderzoek bij ratten, en ontwierp verschillende experimenten om te testen hoe die beestjes reageren op snoepjes die ze ofwel gewoon aangeboden kregen, of waar ze moeite voor moesten doen. Uit haar onderzoek bleek dat het beloningscentrum in de hersenen, de ‘nucleus accumbens’, gestimuleerd wordt als iemand moeite moet doen. Uit onderzoek blijkt bovendien dat dit beloningsdeel van de hersenen weinig actief is bij depressieve patiënten. De ratten die voor hun beloning moesten werken, waren zelfverzekerder en gemotiveerder dan de bediende beestjes. Daar ziet Lambert een link met depressie: wie daarmee worstelt, gelooft niet in zichzelf en is niet gemotiveerd.
De nucleus accumbens is bovendien gelinkt met de delen van onze hersenen die onze bewegingen en gedachten sturen. Lambert concludeert dat bewegen en fysieke arbeid waar je van geniet, zoals bakken of tuinieren, kunnen helpen om depressie te overwinnen. Zelf ging ze na de dood van haar moeder haar hele huis stofzuigen, schrijft ze, en dat hielp haar om dat verdriet te verwerken.
Lamberts critici stellen dat je onderzoek bij ratten niet zomaar naar mensen kunt extrapoleren, en vinden dat ze te nauw naar het probleem van depressie kijkt. Ook Koen Demyttenaere, professor psychiatrie aan de KU Leuven, stelt dat cake bakken depressie niet kan genezen.
‘Het probleem is dat het begrip depressie is uitgedeind. Vroeger was depressie een duidelijk omschreven probleem, vandaag worden heel wat aanpassingsreacties, zoals verdriet, ook als een depressie bestempeld. Een majeure depressie die je volledig verlamt, kan je niet genezen door te koken. Die patiënten denken niet eens aan eten of cake, daar hebben ze de energie niet voor. Maar dat je de keuken in trekt als een manier om het overlijden van een geliefde te verwerken, dat kan ik begrijpen.’
Positief graag
Dat ze je depressie niet genezen, wil niet zeggen dat bepaalde activiteiten geen effect hebben op onze stemming, stelt Demyttenaere. ‘Een aantal basissymptomen van depressie zijn het ontbreken van plezier, van niets meer genieten en tot niets meer komen. Men is ervan overtuigd dat alles zal mislukken. Daarom kan iets als cake bakken helpen. Het is iets waar je plezier uit kunt halen, je gebruikt je creativiteit, je doet het eventueel samen, of je deelt je cake tenminste met andere mensen. Bovendien is het stimulerend om iets kleins te proberen en te slagen. Succeservaringen en sociaal contact zijn belangrijk bij depressie.’
‘Er is ook iets te zeggen voor het meditatieve effect van een activiteit als bakken, sporten of naaien. Bij een depressie kom je in een vicieuze cirkel van negatieve gedachten terecht. Een activiteit die je hoofd leegmaakt, of die je verplicht om je op iets anders te concentreren, kan helpen om die cirkel te doorbreken. Wie uit een depressie komt, kan er zeker iets aan hebben. Het is een uitstekende manier om weer iets positiefs op te bouwen, en het kan helpen voorkomen dat iemand “hervalt”.’
Dat we er nu aandacht aan besteden, heeft volgens Demyttenaere te maken met een kentering in het wetenschappelijk onderzoek. ‘Vroeger keken artsen vooral naar de symptomen van depressie en hoe ze die konden wegnemen. Vandaag gebeurt er onderzoek naar manieren om een positieve stemming te creëren of verhogen. Belangrijk, want positieve ervaringen zijn een goede garantie om te voorkomen dat je opnieuw in een depressie belandt. Op het niveau van wetenschappelijk onderzoek is men daar actief mee bezig, maar uitzoeken wat bij een individuele patiënt voor een positieve mood kan zorgen, is niet vanzelfsprekend. Je moet naar iemands persoonlijkheid, levensstijl en activiteiten kijken, en dat vraagt tijd en inzicht.’
En neen, niet iedereen die zich down voelt, moet cupcakes beginnen maken, vindt Demyttenaere. ‘Uit onderzoek is gebleken dat sommige depressieve patiënten zich beter voelen als ze bewegen. Maar dat blijkt alleen te werken bij sportievelingen, boekenwurmen hebben er niets aan. Het is belangrijk dat je iets doet dat voor jou persoonlijk betekenis heeft.’
‘De grijze, amper versierde cakes zijn een symbool voor het gebrek aan levensplezier dat met depressie samengaat’, legt ze uit op haar blog. ‘Een op de vier mensen krijgt in de loop van zijn leven te maken met psychische problemen, maar het blijft een taboeonderwerp in onze maatschappij. Veel van onze bakkende vrijwilligers hebben ervaring met psychische problemen en depressie. Ze hebben dus een verhaal te vertellen. Op lange termijn willen we therapeutische baksessies organiseren, en van depressie herstellende bakkers helpen als ze bijvoorbeeld een zaak willen opzetten.’
Dat Emma Thomas voor patisserie koos, heeft niet alleen te maken met haar eigen passie of de Britse bakcultuur, maar ook met de activiteit van bakken. ‘Als je je down voelt, kan kneden misschien een beetje helpen’, zei bak-koningin Mary Berry ooit. En de Britse schrijfster Marian Keyes schreef het boekSaved by cake, omdat bakken haar door een moeilijke periode hielp.
Niet nietsdoen
Bakken heeft iets meditatiefs, zegt hobby-bakker Bart Jacobs. ‘Na een moeilijke werkdag, of als ik over iets loop te tobben, ga ik brood bakken. Niet met een machine, maar met de hand. Alles klaarzetten en precies afwegen, het deeg kneden, kijken hoe het rijst, en uiteindelijk door de knapperige korst snijden: het heeft iets van een ritueel, het kalmeert de geest.’
Ann Mertens heeft datzelfde gevoel als ze naait. ‘Een jas of rok in elkaar zetten is als een grote 3D-puzzel maken. Je moet constant kleine probleempjes oplossen en die concentratie zorgt ervoor dat er in mijn hoofd geen plaats over is voor iets anders. Ik kan niet verdrinken in gepieker of negatieve gevoelens als ik naai, want ik ben bezig met naden, nepen en knopen. Bovendien heb ik op het einde van de dag iets tastbaar.’
Geen geneesmiddel
‘Er is geen wetenschappelijk bewijs dat verklaart waarom bakken iemand met depressie kan helpen’, geeft Emma Thomas inThe Guardian toe, ‘en het is zeker geen remedie. Maar het is therapeutisch, en veel mensen hebben er iets aan. Het is ook creatief en belonend. Bakken zet mensen aan tot praten, en met de Depressed Cake Shop hopen we een gesprek op gang te brengen.’
Dat er geen wetenschappelijke grond is voor het nut van bakken, daar is Amerikaans neurowetenschapper Kelly Lambert het niet helemaal mee eens. In haar boek Lifting depression stelt ze dat de mens niet geëvolueerd is om stil te zitten en niets te doen. Ze deed historisch onderzoek naar depressie, en kwam tot de conclusie dat onze overgrootouders ondanks hun hardere leven, toch minder stemmingsproblemen hadden. Ons brein gaat volgens haar niet goed om met het comfortabele, zittende leven dat we vandaag leiden.
Lambert doet al meer dan twintig jaar onderzoek bij ratten, en ontwierp verschillende experimenten om te testen hoe die beestjes reageren op snoepjes die ze ofwel gewoon aangeboden kregen, of waar ze moeite voor moesten doen. Uit haar onderzoek bleek dat het beloningscentrum in de hersenen, de ‘nucleus accumbens’, gestimuleerd wordt als iemand moeite moet doen. Uit onderzoek blijkt bovendien dat dit beloningsdeel van de hersenen weinig actief is bij depressieve patiënten. De ratten die voor hun beloning moesten werken, waren zelfverzekerder en gemotiveerder dan de bediende beestjes. Daar ziet Lambert een link met depressie: wie daarmee worstelt, gelooft niet in zichzelf en is niet gemotiveerd.
De nucleus accumbens is bovendien gelinkt met de delen van onze hersenen die onze bewegingen en gedachten sturen. Lambert concludeert dat bewegen en fysieke arbeid waar je van geniet, zoals bakken of tuinieren, kunnen helpen om depressie te overwinnen. Zelf ging ze na de dood van haar moeder haar hele huis stofzuigen, schrijft ze, en dat hielp haar om dat verdriet te verwerken.
Lamberts critici stellen dat je onderzoek bij ratten niet zomaar naar mensen kunt extrapoleren, en vinden dat ze te nauw naar het probleem van depressie kijkt. Ook Koen Demyttenaere, professor psychiatrie aan de KU Leuven, stelt dat cake bakken depressie niet kan genezen.
‘Het probleem is dat het begrip depressie is uitgedeind. Vroeger was depressie een duidelijk omschreven probleem, vandaag worden heel wat aanpassingsreacties, zoals verdriet, ook als een depressie bestempeld. Een majeure depressie die je volledig verlamt, kan je niet genezen door te koken. Die patiënten denken niet eens aan eten of cake, daar hebben ze de energie niet voor. Maar dat je de keuken in trekt als een manier om het overlijden van een geliefde te verwerken, dat kan ik begrijpen.’
Positief graag
Dat ze je depressie niet genezen, wil niet zeggen dat bepaalde activiteiten geen effect hebben op onze stemming, stelt Demyttenaere. ‘Een aantal basissymptomen van depressie zijn het ontbreken van plezier, van niets meer genieten en tot niets meer komen. Men is ervan overtuigd dat alles zal mislukken. Daarom kan iets als cake bakken helpen. Het is iets waar je plezier uit kunt halen, je gebruikt je creativiteit, je doet het eventueel samen, of je deelt je cake tenminste met andere mensen. Bovendien is het stimulerend om iets kleins te proberen en te slagen. Succeservaringen en sociaal contact zijn belangrijk bij depressie.’
‘Er is ook iets te zeggen voor het meditatieve effect van een activiteit als bakken, sporten of naaien. Bij een depressie kom je in een vicieuze cirkel van negatieve gedachten terecht. Een activiteit die je hoofd leegmaakt, of die je verplicht om je op iets anders te concentreren, kan helpen om die cirkel te doorbreken. Wie uit een depressie komt, kan er zeker iets aan hebben. Het is een uitstekende manier om weer iets positiefs op te bouwen, en het kan helpen voorkomen dat iemand “hervalt”.’
Dat we er nu aandacht aan besteden, heeft volgens Demyttenaere te maken met een kentering in het wetenschappelijk onderzoek. ‘Vroeger keken artsen vooral naar de symptomen van depressie en hoe ze die konden wegnemen. Vandaag gebeurt er onderzoek naar manieren om een positieve stemming te creëren of verhogen. Belangrijk, want positieve ervaringen zijn een goede garantie om te voorkomen dat je opnieuw in een depressie belandt. Op het niveau van wetenschappelijk onderzoek is men daar actief mee bezig, maar uitzoeken wat bij een individuele patiënt voor een positieve mood kan zorgen, is niet vanzelfsprekend. Je moet naar iemands persoonlijkheid, levensstijl en activiteiten kijken, en dat vraagt tijd en inzicht.’
En neen, niet iedereen die zich down voelt, moet cupcakes beginnen maken, vindt Demyttenaere. ‘Uit onderzoek is gebleken dat sommige depressieve patiënten zich beter voelen als ze bewegen. Maar dat blijkt alleen te werken bij sportievelingen, boekenwurmen hebben er niets aan. Het is belangrijk dat je iets doet dat voor jou persoonlijk betekenis heeft.’
Geen opmerkingen:
Een reactie posten